uit volkskrant- de voedselzaak

Aardbeien


Aardbeien heten niet voor niets zomerkoninkjes.
Nederlandse aardbeien komen van juni tot en met
september van de Nederlandse volle grond en worden
dan duurzaam geteeld. De rest van het jaar komen ze uit
de warme kas en kun je ze beter laten liggen. Ook buitenlandse
aardbeien zijn niet zo’n goede keus: ze worden ingevlogen
(bijvoorbeeld uit Egypte) of minder duurzaam
geteeld en vervoerd (Spanje, Polen).   

Bospeen


Bospeen komt altijd van de volle grond. Wat duurzaamheid
betreft maakt het weinig uit of je voor Nederlandse
of Spaanse worteltjes kiest. Met één uitzondering: in het vroege voorjaar (april) komt Nederlandse bospeen uit de warme kas. Dan kun je beter kiezen voor Spaanse of winterwortel. Overigens kun je het loof van de bospeen ook eten. Gebruik het fijngehakt door de soep of in een salade (kan ook in dit recept). De smaak ligt tussen wortel en peterselie in.

Gemberwortel, pepertjes, sojasaus


Van gemberwortel, pepertjes, sojasaus en dergelijke
smaakmakers is de klimaatbelasting nauwelijks
bekend. Maar je eet ze in zulke kleine hoeveelheden dat
de invloed niet heel groot zal zijn. Voor veel mensen
betekent minder vlees eten minder smaak: dan geven
zulke smaakmakers je gerecht meer pep. Duurzaamheid
heeft ook te maken met houdbaarheid. Pepertjes
moeten in de groentela, maar gemberwortel gaat dan
schimmelen.

Koolzaadolie

Koolzaadolie uit nederland is de duurzaamste spijsolie.
Er is koolzaadolie voor bakken en braden en voor saus en dressings. De smaak is neutraal en een beetje boterig.

Mie

Mie is gemaakt van tarwe, dat duurzamer is dan bijvoorbeeld
rijst. Rijst zorgt namelijk voor veel methaanuitstoot,
een broeikasgas. Volkorenmie is gezonder.

 

Taugé


Taugé – de kiemen van mungboontjes – wordt ook in
Nederland gekweekt. Taugé heeft weinig ruimte of licht
nodig en groeit razendsnel.

Noten en zaden

Noten en zaden eten in plaats van vlees is beter voor het milieu: de klimaatbelasting van noten is ongeveer 90 % lager dan die van rundvlees, vergelijkbaar met ei. Volgens het Voedingscentrum hebben tamme
kastanjes en pinda’s de laagste klimaatbelasting, gevolgd
door Europese walnoten, hazelnoten en zonnebloempitten.


Cashewnoten, pistachenoten en amandelen zijn de
minst duurzame noten. Ze hebben toch nog een behoorlijke
klimaatbelasting, omdat de opbrengst laag is en ze
heel veel water en bestrijdingsmiddelen nodig hebben.
Bovendien zijn de arbeidsomstandigheden vooral bij
cashewnoten uit India slecht. Koop je ze toch, kies dan
voor Fairtrade-noten.

Sperziebonen


Sperziebonen maken duidelijk hoe lastig het kan zijn
om duurzaam te kiezen. Aan het uiterlijk van de sperziebonen kun je niet zien waar ze vandaan komen – alleen als het erbij staat. Als richtlijn: verse sperziebonen die in het voorjaar (maart-juni) in de winkel liggen, komen uit de warme kas en zijn niet zo’n duurzame keuze. Kasteelt kost heel veel energie. Van juli tot en met september komen sperziebonen over het algemeen van de volle grond (uit Nederland of soms uit Marokko) en zijn dus een veel betere keuze. Sperziebonen uit landen als Egypte of Kenia zijn ingevlogen: koop die liever niet. Als de herkomst er niet bij staat, ga dan voor diepvriesbonen.
Die zijn altijd in het goede seizoen geoogst.

Citroen


Gangbare citrusvruchten zijn behandeld met antischimmelmiddelen, om ze langer houdbaar te maken. Die middelen zijn niet erg gezond, maar komen niet of nauwelijks in het vruchtvlees terecht. Door goed te borstelen onder de kraan kun je ze van de schil af krijgen.

Biologische citrusvruchten zijn niet met antischimmelmiddel behandeld en daardoor een betere keus als je de schil wilt raspen.

Om niets te verspillen kun je de citroen daarna uitpersen. Vries het sap in een ijsblokjesvorm in.
In opbrengst is er niet zoveel verschil tussen gangbare en biologische citroenen, maar dus wel (iets) in houdbaarheidsduur.

Pompoen


Pompoen uit Nederland, Frankrijk of Spanje is een echte
herfstgroente. Omdat hij zo lang houdbaar is, blijft
Nederlandse pompoen van eind augustus tot maart
een prima keuze. Pompoen wordt niet of nauwelijks
bespoten; de meeste in de supermarkt zijn al biologisch.

Oranje pompoenen zijn bovendien vrij klein en wegen
zelden meer dan 1,5 kilo, handig voor een gemiddeld
huishouden. Hun schil kun je gewoon eten, waardoor
je er niks van hoeft weg te gooien.

In het voorjaar en de zomer worden er ook pompoenen uit Zuid-Amerika of Zuid-Afrika gehaald. Ze komen hier weliswaar redelijk duurzaam per boot naartoe, maar waarom zou je niet wachten tot september?

Pompoenpitten


Pompoenpitten kun je geroosterd kopen of zelf
roosteren. Op internet zijn daar verschillende methoden
voor te vinden. Bewaar wat zaadjes om je eigen
pompoenen te kweken: ze gedijen ook op een zonnig
balkon.

Kikkererwten


Kikkererwten zijn peulvruchten. Alle peulvruchten zijn
prima vleesvervangers en hebben een lage klimaat-en
milieubelasting. Peulvruchten in blik zijn ook een
duurzame keuze. Het koken en inblikken gebeurt
namelijk veel energiezuiniger en efficiënter dan in je
eigen keuken. Als je zelf droge peulvruchten wilt klaarmaken, week en kook dan een grote hoeveelheid tegelijk en vries porties in.


Verse munt


Voor verse munt en andere verse kruiden geldt ongeveer hetzelfde als voor andere smaakmakers. Je gebruikt er zo weinig van dat de klimaatbelasting relatief laag is, zeker als het om kruiden uit Nederland gaat.

Maar let op: de supermarkt verkoopt tegenwoordig ook plastic bakjes met verse kruiden als dille, tijm en koriander die zijn ingevlogen uit landen als Kenia. De herkomst moet op de verpakking staan. Daarbij is de klimaatbelasting van de verpakking en het vervoer samen vele malen hoger dan die van de kruiden zelf.

Groentewinkels verpakken hun kruiden doorgaans minder dan de supermarkt.
Onverpakte kruiden vind je bij Marokkaanse en Turkse
winkels: die komen hier per vrachtauto naartoe, beter
dan vliegen.

Vervang in de koude maanden verse kruiden gerust door gedroogde, de kwaliteit is tegenwoordig uitstekend. En kweek ’s zomers je eigen kruiden op het balkon of in de tuin. Biologische kruiden in potjes zijn dan een handige basis.

Aardappels


Aardappels hebben per hectare een hogere opbrengst
dan graan of andere gewassen en doen het vrijwel
overal goed. Bovendien bevatten aardappels veel voedingsstoffen
en zijn ze heel veelzijdig. Je kunt ze koken,bakken, frituren, stampen, stoven, poffen of roosteren.


Hoe minder de aardappel is bewerkt, hoe duurzamer:
gekookte aardappels en puree zijn energiezuiniger dan
bijvoorbeeld frites.
Aardappels worden (nog) behoorlijk veel bespoten tegen de phytophtora-schimmel, hoewel er hard gewerkt wordt aan resistente rassen (zoals de biologische Bionica-aardappel).

Maar biologische aardappels hebben weer als nadeel dat ze een lagere opbrengst hebben en korter houdbaar zijn, omdat ze niet met kiemremmende middelen worden behandeld. Daarom kun je van biologische aardappels wel de schil eten. Maak zelf je keuze.

(Volkoren)brood


Brood is een van de meest verspilde voedingsmiddelen.
Toch is oud brood prima te verwerken, zoals in deze
‘crumble’: ook een geweldig alternatief voor geraspte
kaas over pasta of voor een knapperig korstje op ovenschotels.
In een goed afgesloten bakje in de koelkast is de
crumble weken te bewaren.

 

 
Koolvis
Koolvis staat in de top-5 van duurzaamste vissoorten.
Koolvis is een magere vis, maar ook magere vissen
bevatten nog iets van de gezonde omega-3-vetzuren.
Savooiekool
Savooiekool of groene kool: een duurzaam geteelde,
Hollandse wintergroente en minstens zo gezond als het bekendere broertje broccoli.




Gedroogde tomaten


(Half)gedroogde tomaten in olie zijn een goede smaakmaker omdat ze boordevol ‘umami’ zitten. Ze zijn vendien lang houdbaar. Als je de olie in het potje ook gebruikt, ga je verspilling tegen. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de azijn van augurken en zilveruitjes (lekker in sladressings) of de olie in blikjes vis (voor dressings of bakken).